Sancties en handhavingsinstrumenten
Als een inspecteur van de Arbeidsinspectie tijdens een inspectie of onderzoek overtredingen aantreft, zet hij een handhavingsinstrument in, dat gevolgd kan worden door een sanctie. Welk(e) instrument(en) de inspecteur inzet, is afhankelijk van de wet die wordt overtreden en de ernst van de overtreding.
Werkwijze
De Arbeidsinspectie bevestigt altijd schriftelijk welk handhavingsinstrument is ingezet, welke maatregelen moeten worden genomen en binnen welke termijn de overtreding moet zijn opgeheven. De AI controleert steekproefsgewijs of de vereiste maatregelen zijn genomen. Als dat niet is gebeurd, wordt een zwaarder instrument ingezet.
Naar bovenMondelinge afspraak
Als er geen sprake is van een ernstige overtreding, kan de inspecteur een mondelinge afspraak met de werkgever maken, als hij erop vertrouwt dat deze de overtreding zonder verdere dwang zal opheffen (Arbeidsomstandighedenwet en Arbeidstijdenwet).
Naar bovenWaarschuwing of eis
Als de inspecteur een overtreding vaststelt, krijgt de werkgever doorgaans de gelegenheid deze binnen een bepaalde tijd op te heffen. De inspecteur geeft dan een schriftelijke waarschuwing, of stelt een ‘eis tot naleving van de wet’ en geeft aan binnen welke termijn de overtreding moet zijn opgeheven. Dit instrument kan door de inspecteur worden ingezet bij de handhaving van de Arbeidsomstandighedenwet, de Arbeidstijdenwet, het Besluit risico’s zware ongevallen 1999 (Brzo 1999) en de Aanvullende Risico-inventarisatie en evaluatie (Arie).
Na afloop van deze termijn controleert de inspecteur of de overtreding naar behoren is opgeheven. Is dat niet het geval, dan maakt de inspecteur een boeterapport op.
Boeterapport
De inspecteur zegt direct een boeterapport aan, als er sprake is van een ernstige overtreding, of als bij controle blijkt dat een eerdere overtreding niet is opgeheven. Ook als een inspecteur opnieuw eenzelfde overtreding aantreft (recidive), wordt direct een boeterapport opgemaakt.
Voorbeelden van ernstige overtredingen zijn:
- toezicht op het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen ontbreekt
- werknemers zijn niet vakbekwaam om bepaalde werkzaamheden uit te voeren
- kinderen onder de 16 jaar moeten langer werken dan wettelijk is toegestaan
- een verplichte melding aan de AI is nagelaten, bijvoorbeeld over een voorgenomen asbestsloop of meldingsplichtig arbeidsongeval
Daarnaast wordt direct een boeterapport aangezegd als:
- een werkgever één of meer vreemdelingen zonder de vereiste tewerkstellingsvergunning voor zich laat werken
- een werkgever zijn werknemer(s) onder het voor hem/haar geldende wettelijk minimumloon en minimumvakantiebijslag betaalt
Als na controle blijkt dat de overtreding nog niet is opgeheven, kan de inspecteur opnieuw een boeterapport opmaken. Gebeurt dit binnen 24 maanden nadat de eerste boete onherroepelijk is geworden, dan kan de nieuwe boete met 50% worden verhoogd. Wordt de overtreding binnen 48 maanden opnieuw geconstateerd (dus voor de derde keer), dan maakt de inspecteur proces-verbaal op.
De boeterapporten worden ter behandeling en beoordeling overgedragen aan de afdeling Bestuurlijke Boete van de Arbeidsinspectie. De boeteoplegger legt namens de Minister de uiteindelijke boete op. In bepaalde gevallen kan worden besloten dat de boete wordt gematigd, of dat van boeteoplegging wordt afgezien.
Meer informatie
Naar bovenWerk stilleggen
De inspecteur legt het werk of bepaalde werkzaamheden onmiddellijk stil, als er sprake is van ernstig gevaar voor de veiligheid of gezondheid van personen. Hij zegt daarbij tegelijk een boeterapport aan. Voorbeelden zijn:
- elektrocutiegevaar, valgevaar of knelgevaar
- overtreding van het verbod op kinderarbeid
- overtreding van het Besluit risico’s zware ongevallen 1999 (Brzo 1999) of de Aanvullende Risico-inventarisatie en evaluatie (Arie).
De inspecteur legt ook het werk stil, als er sprake is van een misdrijf of overtreding van enkele verbodsbepalingen, die uitdrukkelijk in de regelgeving worden genoemd. Zie de voorbeelden hier onder ‘Proces-verbaal’.
Als een werkgever een ‘bevel tot stillegging van het werk’ negeert, maakt de inspecteur ‘proces-verbaal van misdrijf’ op.
Proces-verbaal
De inspecteur maakt proces-verbaal op, als er sprake is van een misdrijf of overtreding van verbodsbepalingen, die uitdrukkelijk in de regelgeving worden genoemd. Hij legt dan tevens het werk stil. Voorbeelden zijn:
- De werkgever negeert een ‘bevel tot stillegging van het werk’
- De werkgever stelt werknemers bloot aan direct gevaarlijke stoffen of aan andere situaties die acuut de gezondheid bedreigen, terwijl hij de risico’s van de stoffen of de situatie kent, of ‘redelijkerwijs’ moet kennen
- De werkgever laat werknemers met wettelijk verboden stoffen werken
- De werkgever laat kinderen onder de 12 jaar werken
- Er bestaat een vermoeden van een ‘strafrechtelijke overtreding’
Omdat het hierbij om ernstige situaties gaat, ziet de inspecteur er doorgaans zelf op toe, dat het werk pas wordt vrijgegeven als de overtreding daadwerkelijk is opgeheven.
Dwangsom
De Arbeidsinspectie kan een dwangsom opleggen, als een maatregel die is voorgeschreven niet is uitgevoerd, ondanks een eerder handhavingstraject. Hierbij kan het bijvoorbeeld gaan om het nalaten van een noodzakelijke beoordeling van de blootstelling aan gevaarlijke stoffen, of het negeren van een eis tot het nabetalen van loon en/of vakantiebijslag.
Meer informatie
Folder: Een boete van de Arbeidsinspectie, hoe gaat dit in zijn werk? (PDF-document, 165 kB)
Toepassing ‘Wet dwangsom en beroep’ bij niet tijdig beslissen door Arbeidsinspectie (bron: minszw.nl)
